zondag 16 november 2008

(8 nov) Zout verhaaltje
















Vandaag staat een barre tocht op het programma. Met de auto gaan we op stap vanuit Tilcara naar Salta, maar nu via de route in het Andes gebergte, via de Salinas Grandes (grote zoutmeren). Deze route is heftig en wordt alleen gedaan door wat trucks en de meest heldhaftige toeristen, omdat je door het hooggebergte reist en dan op een vlakte terechtkomt waar je kennis kan maken met het zoutmeren. We klimmen steeds verder omhoog, tot we de 4000 meter bereiken. In Salta had Leon 3 pakjes cocabladeren ingeslagen, het kauwen ervan helpt tegen hoogteziekte. We hebben het geprobeerd, maar we werden al bij de eerste kauw misselijk. Wat een smerig spul. Gelukkig hebben we geen last van de hoogte, ook Carmen niet. Ook dit gebied is volledig verlaten waar niet veel argentijnen zich vestigen. Maar midden op een plek waar je niemand verwacht worden we opgevangen door een typische Argentijnse moeder met haar twee kinderen. Met een halfhoog muurtje beschermen zij zich tegen de wind en de eventueel opkomende kou. Hier wachten zij op de enkele toeristen, om hun zelfgemaakte ingegraveerde stenen te verkopen, zodat zij zich in eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Natuurlijk kopen wij ook enkele stenen, al is het alleen maar voor onze kinderen, zodat deze bijzondere cultuur gehandhaafd kan blijven. Onze reis voert vanaf nu verder over kiezelstenen, en duurt dan nog minimaal zes uur. Dat wordt hobbelen op een weg waar je echt heel weinig mensen tegenkomt, alleen maar lama's, schapen, koeien en wat wilde paarden. Hopen dat we maar geen pech krijgen met onze auto, want dat komt je dan duur te staan. Ons doel is terugkeer naar Salta, maar niet zonder dat we op de zoutvlakte zijn geweest. Om deze te bereiken wijken we van onze route af (de gebruikelijke route). Met zweet in de bilnaad, want als je de weg kwijt bent, wat dan? En ja hoor het lukt ons om met de auto over de zoutvlakten te rijden en de zoutwinning van dichtbij te zien. Wat overweldigend, de natuur, de bergen, maar vooral het zout. Dit is een van de hoogtepunten van onze reis. Daarna vervolgen we de route, verdwalen nog een keer, maar nadat Leon zijn eigen Parijs-Dakar heeft gereden komen we binnen 8 uur na vertrek aan in Salta. Leon is erg trots dat hij deze rit, waar normaal 10 uur voor staat heeft vervolbracht in maar 8 uur. Hij kijkt ook uit naar de volgende editie van Parijs-Dakar, die zal plaatsvinden in Zuid-Amerika, dus ook in dit gebied. Maar wij doen dat met een eenvoudige VW Gol en hebben geen vrachtwagen die ons volgt met monteurs. Onze organen door de war (van al dat hobbelen) zetten we onze auto in een parkeergarage naast onze hostel. Tevreden gaan we naar bed, na het eten van enkele panchito's.





(5 nov – 7 nov) Indianen











Omdat we naar afgelegen gebieden gaan, hebben we onze auto bij de supermarkt nog even volgeladen met eten en drinken. Eerst gaan we het gebied ten noorden van Salta ontdekken. Hier leven nog de afstammelingen van de quechaś (de oorspronkelijke indianen). Na 1,5 uur rijden we de Quebrada binnen, een brede kloof met aan weerzijde bergen met enorm mooie kleuren. En af en toe een dorpje. Al gauw rijden we Tilcara binnen. Van het duitse stel dat we in Buenos Aires hebben ontmoet, hebben we een vage routebeschrijving van een leuke hotelletje; bij het plein omhoog aan je rechterhand. En jawel, het dorpje is zo klein dat we zo op het plein (waar het hele dorp omdraait) afrijden en het hotel ook snel vinden. Het is een gaudi-achtig huis met een heerlijke patio en uitzicht over de Quebrada. Tilcara is een gezellig dorpje met mooie mensen die op het plein hun spulletjes verkopen: kleden, poncho's, vanalles van cactushout, hoeden, muziekinstrumenten, het echte latijns-amerikaanse werk dus. Heerlijke om weer wat authentieke cultuur op te snuiven. Volgende dag nog wat verder de quebrada ingereden. Het is er enorm droog en dor met alleen groen waar de rivier stroomt. Maar dan ook echt groen, we hebben nog nooit zulke fel groene bomen gezien. Bij een piepkleindorp stoppen we even bij de kerk, maar die is al dicht. Toch blijven we er een uurtje, want Carmen heeft een vriendinnetje gevonden, een schattig indianenmeisje, waarmee ze rond het plein rent. Ze schatert het uit. En wij ook natuurlijk om haar zo happy te zien. De derde dag staat het dorpje Purmamarca op het programma, weer zón mooi indianendorp in the middle of nowhere, vooral bekend om de zevenkleurenberg. De berg is inderdaad schitterend. Als echte hikers, doen wij een tocht achter de berg langs. Schitterend, maar na een half uur komt er een auto voorbij. Huhhh, wat een watjes die dit pad met de auto doen. Voor straf legt Leon een steen op de weg, zodat ze moeten uitstappen. Even de kwajongen uithangen.

Allemania? No, soy hollandaise.

Nu weet ik best dat ik strak in mijn vel zit, en dat velletje goed gevuld is door de jaren heen, maar dat wil toch niet zeggen dat ik mijn afkomst verloochen. In 9 van de 10 gevallen worden wij gezien als duitser. Dat wil je niet alhoewel ik dat wel begrijp. We hebben die vreemde klanken met een harde G, en mijn stem is ook nog zwaar. Tevens is het ook niet gek, want in Argentinie zijn ze gewend aan duitsers. Wist je dat na WO II er 55.000 duitsers naar Argentinie zijn gevlucht. Het gekke is dat er in die tijd ook veel joden naar hetzelfde land zijn gevlucht, en ook hier hebben zij veel invloed, vooral in BA. Maar als ze eenmaal weten dat we uit Holanda komen, dan verwacht je de gebruikelijke reacties als Johan Cruyff, Marco van Basten, Amsterdam, Ajax of Red Light District. Niks van dat alles. Men reageert meestal met Maxima. Die heeft voor NL in ieder geval veel reklame gemaakt. Ongevraagd kriijg je alle soorten roddels of waarheden op je af. Zo schijnt zij vaak in BA te zijn omdat haar vader ziek is. Geeft een taxichauffeur haar meteen een cijfer (zesje), waarschijnlijk omdat alle vrouwen hier ingedeeld worden in nummers. Zo vertelde de eigenaar van de hostel in Tilcara dat Maxima een stuk grond heeft gekocht in Purmamarca. Dat is een van de toeristische topattracties in Noord-Argentinie. Van welk geld zal ze dat gekocht hebben? Is dat niet gefinancieerd door de nederlandse belastingbetaler en dus van ons. Ook komen er verhalen naar boven van haar vader die wel degelijk een rol heeft gespeeld in de communistische tijden. Zo schijnt het dat ze regelmatig in het hostel in Salta komt, waar ze met een poncho en guachohoed rondloopt in de stad om niet herkent te worden. In ieder geval wordt ze geroemd om haar vakmanschap om een prins aan de haak te slaan. Lang leve Maxima.

(3-5 nov) Salta


Wat fijn. Een fantastisch ontvangst en de grootste triple room tot nu toe met bad! Salta is een drukke stad van het noorden van Argentinie, maar tot nu ook de betaalbaarste. Hier is het vergeleken met de reis tot nu toe zeer goedkoop. Voor een paar pesos heb je hier complete maaltijden. Zo eten we nogmaals de beruchte Locro voor 18 pesos (4 euro), tamales (een maisprutje in maisblad) of een heerlijke panchita (hotdog maar dan met olijven, roquefortsaus en chips) voor 2 pesos. Nou dat helpt dan weer een beetje met ons budget, want tot nu toe hadden we best wat moeite om daar binnen te blijven. Door maaltijden over te slaan (want het was al bedtijd voor ons) of zelf maaltijden te maken in ons hostel, proberen we de financien de baas te blijven. Wat opvalt is de lange rijen bij de bankloketten bij elke bank, waarschijnlijk een resultaat van de lonen die het begin van de maand zijn betaald. Voor ons is dat overigens geen probleem, want wij halen ons geld gewoon uit de ATM. Na een bezoekje aan de kabelbaan met uitzicht over Salta, een avondje shoppen halen we de volgende dag onze auto op bij ons verhuurbedrijf. We gaan nu op weg om deze streek echt te leren kennen met onze eigen autootje. Met een Volkswagen Gol (inderdaad zonder F), rijden we naar onze volgende bestemming Tilcara. Leon mag rijden want Marjon is haar rijbewijs vergeten.

(2 nov) Van de hemel naar de hel


Vanuit El Chalten zijn we weer teruggekeerd naar El Calafate. We hebben hetzelfde hostel genomen, want dat beviel ons wel. Gerardo en Eduardo runnen het hostel sinds mei dit jaar. Vader en zoon die eerst de beste pizzeria hadden in El Calafate. Dat merken we ook wel als we bij terugkomst binnen 10 minuten een heerlijke pizza krijgen voorgeschoteld. Een heerlijk hostel in een leuke plaats. Carmen is hier gewend en Eduardo (vader van Gerardo) is fan van haar. Tot twee keer toe krijgt ze een kadootje, maar Carmen vind hem een vieze oude stinkerd. Het wordt dus niet beloond met een kus. Carmen is inmiddels een bekende in het dorp, want op straat horen we tot twee keer toe haar naam. Eerst van Eduardo, maar ook van een serveerster in een pub waar we een paar dagen eerder waren. Ook het inmiddels gevonden overdekte speelparadijs in El Calafate wordt ze de tweede keer met open armen ontvangen door het vriendelijke personeel. Dit is toch wel een beetje een paradijsje met zeer vriendelijke mensen en een fantastische omgeving.
Aangezien Carmen graag naar haar speeltuin wil besluiten we onze vlucht naar Salta op te knippen in een dagje Buenos Aires, in onze wijk toekomstige woonwijk Palermo Viejo, om de volgende dag door te reizen naar Salta. Dit kan niet misgaan, wij naar onze populaire wijk, Carmen naar haar populaire speeltuin. Marjon kan nog even winkelen terwijl papa rondbanjert met dochterlief. De vlucht gaat soepel, maar de taxi chauffeur in BA is een oplichter. Hij rommelt met de meter. Als wij er naar vragen, dan weet hij natuurlijk van niks. Wat kan je doen? Het hostel is midden in de wijk Palermo Viejo, dus dat moet wel goed zijn. Maar nee hoor, eerst moeten we een trap nemen naar de eerste verdieping, waar een ongeinteresseerde man ons negeert. Hij geeft ons de sleutel, nog een trap hoger. Leon is het nu al zat (we hebben meer dan 60 kilo bagage). De kamer is een triple room, maar is aftanser dan menig inwoner in de armste wijk van BA. Het hele hostel is aftans, de kamer meet 3 bij 2,50 waarin een los bed en een stapelbed ingekropt zijn, zonder raam. Oh, dan vergeet ik de badkamer nog, die in dezelfde afmetingen is geborgen. Je moet in de WC staan (echt waar, in de wc!) om te kunnen douchen. Onze tweede kennismaking met BA is een stuk minder plesant. Dan worden we ook nog overvallen door onze buurman die eventjes in onze kamer wil kijken. Waarom ? Leon sommeert alle waardevolle spullen mee te nemen als we de wijk ingaan. Dit is niet kosjer. Gespannen verlaten we het hostel om direct naar de speeltuin te gaan, te winkelen en aan het eind van de dag eten we in een vegetarisch restaurant gerunt door de Harah Krisna. Met lood in onze schoenen gaan we terug naar het hostel, hopend dat er nog wat in de kamer staat. Bij aankomst rennen we meteen naar boven...en alles is nog aanwezig. Wat een stress, en dat tijdens je vakantie. Leon slaapt met Carmen in 1 bed van 70 cm breed (niemand durft boven te slapen) en Marjon heeft de luxe van 1 bed. De volgende ochtend vertrekken we snel naar Salta, met 1 voorwaarde, het volgende hostel moet luxe zijn. Dit nooit meer.